Spelling

Als dyslexie-specialist heb ik jarenlang gewerkt met auditieve-analytische methodes om spelling te verbeteren. Ook veel scholen hanteren een methode waarbij voornamelijk wordt gewerkt a.h.v. klanken. Maar sommige kinderen hebben een andere aanpak nodig. KindKern heeft de beschikking over gangbare spellingmethodes, en werkt ook met ‘Woordbeeldtrainer’. Dit is een remediërende spellingsaanpak waarmee kinderen alsnog, opnieuw of beter leren spellen. De methode is ontwikkeld door Will Missot van het CNLS (www.cnls.nl). De methode Woordbeeldtrainer werkt met woordbeelden. Een methode om auditieve- en visuele informatie samen te brengen. Hieronder vindt u meer informatie hierover.

KindKern stelt eerst vast of WoordBeeldTrainer kan worden toegepast bij uw kind. Tijdens dit onderzoek wordt het instapniveau van spelling bepaald door middel van het afnemen van een PI-dictee (dat ook opgenomen is in het landelijk dyslexieprotocol).
Daarna wordt de visuele en auditieve verwerkingssnelheid bepaald met de Time-ordertest.
Waarna de persoonlijke leerstijl wordt getest via de ‘DominantieMatrix’.
Als blijkt dat deze training geschikt is voor uw kind, wordt gestart! WoordBeeldTrainer is bestemd voor kinderen vanaf groep 3. De training wordt individueel gegeven. De methode is voor het kind goed te gebruiken naast de gebruikte methode op school. Het is altijd mogelijk om een gesprek te plannen op school om de werkwijze van de methode uit te leggen en te laten zien.

Het alfabet wordt ingeoefend, in combinatie met een speciale visualisatie- en ordeningstechniek en daarna kan er begonnen worden met oefenen. Dat gebeurt via de particuliere pc versie van WoordBeeldTrainer. Daarnaast is er ook een schoolversie van het computerprogramma beschikbaar, om op school ook te kunnen oefenen. KindKern past een geheugenactiveringstechniek toegepast om woord- en klankbeeld blijvend te verankeren.

KindKern werkt 12 lessen met uw kind om de spellingproblemen aan te pakken. Na iedere les krijgt uw kind thuiswerkopdrachten, omdat spelling onder de knie krijgen inoefening vraagt. Het thuiswerk gebeurt op de computer. Er wordt drie a vier keer per week geoefend. Per keer worden er 10 woorden ingeoefend. Na vier maanden wordt het PI-dictee opnieuw afgenomen en deze score wordt vergeleken met die van het instapniveau om zo de vorderingen duidelijk te maken.

Tijdens het evaluatiegesprek worden de resultaten besproken.